Fotoserie: Boeren overspoelen sociale media met foto’s en filmpjes over #geenhittestress

Beeld: Mark Brantjes, via Twitter

Veehouders, akkerbouwers en bollentelers overspoelen sociale media met foto’s en filmpjes onder de hashtag #geenhittestress. Hiermee willen de boeren en tuinders Nederland laten zien wat zij tijdens de hitte doen om hun dieren en gewassen koel te houden. (Tekst gaat door onder de fotoserie).

De sociale media-actie werd gisteren gestart door de boerenambassadeurs van Team Agro NL, van wie vleeskuikenhouder Erik van Veldhuisen er één is. Zij riepen via hun website en sociale media boeren en tuinders op foto’s en filmpjes te plaatsen. Van Veldhuisen deed dat zelf ook.

De actie werd in de loop van maandag zelfs gedeeld door het ministerie van LNV, die mensen opriep de hashtag #geenhittestress te gaan volgen.

(Tekst gaat verder onder de tweet)

Veehouders

„Elk jaar is er wel een periode van grote hitte en wij kunnen ons voorstellen dat mensen dan extra begaan zijn met de dieren. Op deze manier willen wij laten zien dat veehouders ook tijdens hete dagen goed voor hun dieren zorgen. De dieren krijgen vaak extra ventilatie, nevelkoeling, extra water of extra schaduw”, licht voorzitter Geertjan Kloosterboer van Team Agro NL toe.

Akkerbouwers

Ook akkerbouwers, fruittelers en bollentelers is gevraagd hun foto’s en video’s te delen. „Niet alleen dieren doen er toe, ook gewassen op het land zijn belangrijk. Akkerbouwers en telers kunnen op deze manier mooi laten zien wat er tijdens hitteperiodes nodig is om er straks voor te zorgen dat mensen weer groenten en fruit op tafel kunnen zetten.”

Negatieve reacties

Bang voor vervelende reacties van mensen die tegen veehouderij zijn, is Kloosterboer niet. „Er zijn altijd mensen die negatieve reacties plaatsen. Dat houd je. Mensen hóeven het ook niet eens te zijn met de veehouderij, maar het houdt boeren echt niet tegen om Nederland te laten zien wat er echt gebeurt op de boerderij. Wij zien dit als een mooie manier om consumenten bij de landbouw te betrekken. En de reacties zijn 99,9 procent positief.”

Bron: www.pluimveeweb.nl

Het ei van Maurits

Beeld: Sarah Haaij

Maurits Groen werkt altijd, zestien uur per dag, aan zijn duurzame toekomstdroom. Ooit schopte hij als hoofdredacteur van Milieudefensie tegen het bedrijfsleven aan. Nu voert hij als kippenboer zijn kippen afgekeurde bonbons. “Voor mij is dat een volkomen rechte lijn. Ik wil met andere middelen hetzelfde bereiken.”

Etenstijd bij Kipster, een witte pluimenzee met rode snaveltjes scharrelt opgewonden richting voederbak. Zoals iedere dag staat er een uitgebalanceerd dieet van restjes op het menu. Beschuit, pannenkoeken, toastkruimels; afgaande op het enthousiaste gekakel van de dames smaakt het allemaal even goed.

“Ongelofelijk toch, dat we hier nu tussen de kippen staan.” Vanuit de vergaderruimte waar Maurits Groen (1953) net nog een financieringsdeal voor uitbreiding met de Rabobank bezegelde, kijkt hij uit over ‘zijn’ ren. Tevreden en ook een beetje verbluft lijkt hij, dat hij – voormalig hoofdredacteur van Milieudefensie (1978-1982), duurzaamheidsadviseur, zonnelamp-ondernemer en nummer een van Trouws Duurzame 100 (2015) – nu kippenboer is. En dat van het eerste klimaatneutrale ei ter wereld. “Deze kippen zijn van meet af aan met 100 procent reststromen gevoed”, zegt Groen. “En het werkt, ze leveren elke dag 24.000 eieren. Dat is toch een wonder!”

Vegetariër

Compromisloos dier- en milieuvriendelijk: dat was het uitgangspunt toen Groen en zijn drie medeoprichters in 2014 besloten om kippenboerderij Kipster te beginnen. Een plek waar kippen, van nature bosdieren, voldoende ruimte hebben en onder boompjes kunnen schuilen.

“Alleen op plekken waar niets anders groeit dan gras, kun je dieren houden”

Waar geen snavels worden afgeknipt, de lucht wordt gezuiverd en geen fijnstof wordt uitgestoten – door hun gescharrel brengen kippen kleine mestdeeltjes de lucht in. En waar de haantjes niet worden vergast maar opgegeten. “Ik heb altijd een voorliefde gehad voor kippen”, zegt Groen. “Omdat het nuttige huisdieren zijn. Ze kunnen van afval hoogwaardige eiwitten maken. En het zijn leuke beesten zoals ze scharrelen.”

Het volledige artikel lees je op: Down to earth magazine.

De Heus: Tweede Kamer moet goed luisteren naar de praktijk

Mengvoerfabrikant De Heus vindt het belangrijk dat politici goed luisteren naar de praktijk. Ook vindt ze het not done dat de overheid regelmatig de spelregels verandert tijdens de wedstrijd. Op 13 juni deelt De Heus haar visie op de kringlooplandbouwplannen van LNV minister Carola Schouten met de Tweede Kamer.

De Nederlandse agrosector is een voorbeeld voor de hele wereld. Het is echter niet altijd makkelijk om boer in Nederland te zijn. De Heus vindt het daarom belangrijk dat politici goed luisteren naar de praktijk. Dat is de insteek van Kamerbezoek op 13 juni. Op haar website stelt De Heus het belangrijk te vinden dat de overheid de spelregels niet tijdens de wedstrijd verandert. Een boer moet weten waar hij aan toe is. Het verlagen van de impact van een bedrijf op het klimaat, het milieu, de lokale omgeving of juist het vergroten van het dierenwelzijn vraagt om investeringen.Die investeringen moeten stuk voor stuk worden terugverdiend. Dit is een stevige uitdaging omdat voor de meeste boeren een hogere opbrengstprijs voor hun producten niet vanzelfsprekend is.

Eerlijk speelveld

De Nederlandse boer moet kunnen rekenen op een eerlijk speelveld. De Heus verwijst daarbij naar Nederlandse boeren die kampen met de import van goedkope producten uit bijvoorbeeld Oekraïne en Oost-Europa. Landen die veel minder strenge regels hanteren op het gebied van het milieu en dierenwelzijn. Dat zet Nederlandse boeren op een concurrentie achterstand. Een oplossing is om afspraken zo veel mogelijk op Europees niveau te maken, ook op het vlak van grondstoffen en reststromen. Verder gaat De Heus de Tweede Kamer wijzen op de vergunningsverlening voor mestverwerkingsinitiatieven. Ze vindt dat die onvoldoende van de grond komen. Volgens de mengvoerfabrikant is dat jammer omdat het op grotere schaal verwerken en verwaarden van dierlijke mest er juist voor kan zorgen dat de mestverwerkingskosten dalen. Bovendien kunnen op deze manier waardevolle grondstoffen worden hergebruikt.

Sturen op doelen

De Heus vindt verder dat de regering moet gaan sturen op doelen en niet op middelen. Door duidelijke doelen te stellen op het gebied van dierenwelzijn, het klimaat, het milieu en de lokale leefomgeving krijgen boeren de kans nieuwe technieken te ontwikkelen en hun investeringen terug te verdienen en komen bovendien innovaties van de grond. De overheid moet ook voorkomen dat regels op het gebied van klimaat, milieu en dierenwelzijn elkaar tegenwerken. Zo zijn maatregelen die bijdragen aan het vergroten van het dierenwelzijn niet per se goed voor het milieu of de lokale leefomgeving. Terwijl maatregelen die heel goed zijn voor het klimaat niet per se bijdragen aan het vergroten van het dierenwelzijn.

‘Boeren moeten zich niet blind staren op feiten, maar meer hun waarden delen met burger’

Feiten delen met de maatschappij is belangrijk, maar daar moeten boeren zich niet op blind staren. Nog belangrijker is het om je waarden en normen te delen als je in gesprek gaat met de maatschappij.

Dat zegt woordvoerder Dé van de Riet van de belangenbehartigersorganisatie voor slachterijen en vleesverwerkers COV (Centrale Organisatie voor de Vleessector) en het voorlichtings- en informatieplatform Vlees.nl.

‘Ja, maar…, de Nederlandse pluimveehouderij is al internationaal koploper in het integraal duurzaam produceren’. En: ‘maatschappelijke wensen moeten wel betaald worden’. Dat is vaak het wat defensieve tegengeluid als pluimveehouders – al dan niet terecht – worden aangesproken, dan wel aangevallen, door mensen van buiten de bedrijfstak.

„Veelvuldig is er het verwijt van de boer aan ‘de burger’ dat deze er geen verstand van heeft en het allemaal niet begrepen heeft. Is dat nou niet eens een beetje om te draaien en bij te stellen en – van twee kanten – in een beter perspectief te plaatsen”, stelt Van de Riet.

Beter begrip

Hij vindt dat er meer begrip moeten komen tussen boeren en de consument, de markt en de maatschappij. „Als je echt met elkaar in gesprek bent, zijn gedeelde waarden veel belangrijker dan agrarisch feitenkennis en wetenschappelijke inzichten, en die waarden liggen veel dichter bij elkaar dan vaak wordt verondersteld. ‘Nobody cares how much you know, until they know how much you care’. Oftewel: Het interesseert niemand hoeveel je weet, tot ze weten hoeveel je ergens om geeft’.”

Tekst: Caroline van der Plas

Bron: Pluimveeweb

Beeld: COV

“Realtime data geeft pluimveehouders weer een stuur in handen”

Stalmeesters is een nieuw platform in de legsector en is opgericht om de transparantie in een snel veranderende wereld te vergroten. “Het is een platform voor en door de pluimveehouder”, zo legt initiatiefnemer Remco Westerbroek uit. 

“Dat draait om slimmer boeren door middel van realtime-sensoring van de stalwaarden en die waarden kun je vervolgens delen met collega’s. Hierdoor ontstaat een mogelijkheid om trendlijnen met elkaar te vergelijken, waardoor problemen en emissies snel inzichtelijk worden.”

Uiteraard is elke stal anders, beseft ook Westerbroek. “Verschillende rassen, een andere stalinrichting of klimaatbeheersing. Het doel is juist om iedere pluimveehouder meer inzicht en houvast te geven in zijn of haar eigen situatie.”

Grip op proces

Stalmeesters is daarbij niet uit op het maken van dure rapportages, waarmee de pluimveehouder weinig tot niks kan beginnen. “Het is ook niet de bedoeling om de pluimveehouder te confronteren met nog meer normeringsrapporten, waarvan de meest duidelijke uitleg in de kosten zit. Wij willen juist samen met de pluimveehouder de inspanning tonen en vooruitgang boeken als het gaat om thema’s als fijnstof, CO2, ammoniak en energieverbruik. Zo krijgt de ondernemer antwoorden op vragen van collega’s of andere mensen waar hij of zij de data mee wil delen. Het is in deze tijd van razendsnelle opinie en verandering meer dan ooit nodig dat de pluimveehouder ook zelf meer aan de knoppen gaat draaien. Grip en inzichten op het proces in en rond de stallen biedt experimenteerruimte. De pluimveehouder krijgt hiermee een stuur in handen.”

“Eerst probleem definiëren”

Westerbroek merkt op dat de pluimveehouder systemen aangeschaft, omdat een certificaat hiervan zegt dat het werkt. “Maar de werking hangt van vele factoren af. Die factoren zitten vaak wel ergens in het hoofd van de vakman. Maar als die met realtime trendlijnen inzichtelijk worden gemaakt, kun je werken aan je processen. Je kunt zoveel meer meten en weten met behulp van sensoren.”

Met onze sensortechnieken geven we de pluimveehouder inzicht over wat er binnen in zijn stal gebeurt. Zo kan het zijn dat de conclusie is dat er gezocht moet worden naar een andere oplossing dan de huidige of een aanpassing daarvan. Sterker nog: vaak is het probleem nog niet eens goed gedefinieerd. Met Stalmeesters gaan we naar de basis: eerst goed meten wat er in de stal gebeurt en vervolgens samen discussiëren en nadenken over de beste oplossing. En die discussie vindt plaats op ons platform, waar pluimveehouders elkaar in hun eigen gesloten omgeving ontmoeten en sensordata met elkaar kunnen delen.”

Realtime data

Een volgende stap is dat een samenvoeging van beschikbare data en trendlijnen op het dashboard worden ingezet om de technische resultaten te verbeteren doordat mogelijke verbanden eerder gelegd kunnen worden: minder uitval en betere legpercentages. “Als boer heb je één cockpit. Met alle relevante staldata. Zo wordt het een management tool. En die data moet transparant zijn. Er zijn partijen die veel meten, maar vervolgens data afschermen. Wij zeggen juist: hier heb je alle realtime data direct beschikbaar, want het is jouw data. Vervolgens bepaalt de pluimveehouder zelf welke data er op het platform gedeeld wordt om de interactie met collega pluimveebedrijven aan te gaan en welke data kan worden afgenomen door externe partijen.”

“Gesprekspartner van beleidsmakers”

Het doel van Stalmeesters is dus data verzamelen door middel van realtime-monitoring en de discussie aangaan op het platform over mogelijke oplossingen voor het verder optimaliseren van de resultaten. Daaruit kunnen nieuwe samenwerkingsvormen ontstaan met bijvoorbeeld toeleveranciers, kenniscentra en de overheid. Maar vooral een plek waar het verhaal van de boer wordt verteld. Dat zal volgens Westerbroek moeten leiden tot een betere profilering van de sector en dat met name richting de overheid.

“De pluimveesector moet één geluid laten horen. Door alles te meten – niet alleen luchtstromingen, maar bijvoorbeeld ook strooisensoren – kunnen er verbanden gelegd worden. We hebben meerdere testlocaties in Nederland lopen, waar we sinds de realtime data worden verzameld, direct kunnen reageren op afwijkende trendlijnen en door de inzichten anders kijken naar probleem en oplossing. Zo word je als ondernemer ook een sterke gesprekspartner in plaats van een ontvanger van allerlei regels. Als pluimveesector kunnen we laten zien hoe goed we met zijn allen bezig zijn. Maar zo kunnen we ook als branche aan tafel gaan zitten bij beleidsmakers en feiten delen die er toe doen.”

Bron: PluimveeActueel

Jouw stal is jouw meesterwerk!

Er is veel aan de hand en er wordt van jou als pluimveehouder veel verwacht. De tendens in de berichtgeving blijft veelal negatief en het sentiment onder de bevolking is al niet veel beter. Jouw imago wordt stelselmatig ter discussie gesteld, terwijl je eigenlijk niet voldoende wordt gehoord. Men heeft geen oog voor hetgeen je allemaal onderneemt, aangezien de algemene perceptie niet aansluit bij de werkelijke inspanningen die jij dagelijks levert vanuit jouw professie en vakmanschap.

De Pluimveesector is een uitermate innovatieve sector en als pluimveehouder ben je continue op zoek naar oplossingen om stapjes vooruit te blijven zetten. Om te voldoen aan de gestelde wet- en regelgeving en een goede buur te zijn voor de lokale samenleving.

De lokale samenleving is zich er onvoldoende van bewust dat jij een bevlogen ondernemer bent die er alles aan doet om stof, geur en ammoniak steeds verder te verlagen. Niet alleen in het belang van deze buitenwacht, maar vooral ook voor de gezondheid en welzijn van jouw dieren.

Maar hoe toon je van dag tot dag aan dat jij hier gerichte sturing aan geeft? Hoe vind je nu een manier om al jouw inspanningen zichtbaar te maken? Hoe ben je in staat om de directe effecten van van een nieuwe managementstijl of een nieuw innovatief product in jouw stal te controleren?

Gewoonweg, de dagelijkse inzichten en resultaten van de voorwaartse stappen die jij neemt om tot betere resultaten te komen.

Door continue real time waarden te meten in jouw stal! Op ieder gewenst moment inzage in de waarden die ontstaan na iedere beslissing die je doorvoert of ieder experiment dat je uitrolt om positieve uitkomsten te realiseren. Alles wat je doet, wordt direct zichtbaar in jouw dashboard en geeft je grip op het inrichten van jouw proces en verdere besluitvorming.

Positieve uitkomsten zijn natuurlijk fijn en dienen te worden geborgd. Negatieve uitkomsten geven een directe aanwijzing voor verdere sturing binnen jouw processen. De input voor jouw eigen bedrijfsvoering heb jezelf weer in handen. De data die we meten binnen jouw stal is overigens ook van jou!  

Stalmeesters biedt een zeer gerichte oplossing om samen met jou te kijken hoe deze resultaten behaald kunnen worden en biedt de mogelijkheid om ervaringen te delen met collega’s binnen de sector. Met elkaar en van elkaar leren om zo snel mogelijk te groeien naar de meest positieve resultaten.

En dat we die realiseren, dat gaan we vertellen! Omdat Stalmeesters vindt dat de samenleving haar perceptie moet kantelen. Zij moet weten hoeveel inspanningen jij levert om jouw maatschappelijke bijdrage te leveren. Zij moeten weten hoeveel innovaties er worden gelanceerd om nog weer betere resultaten te behalen. En bovenal moeten zij weer weten dat jij een goede buur bent! Gericht op duurzaam rendement vanuit jouw vakmanschap!

Word jij ook een Stalmeester?

We nodigen jou van harte uit voor een gezellig gesprek aan onze keukentafel op het Fijnstof Event! Dan kunnen we alvast de eerste ervaringen met elkaar delen!

Wij zijn het platform dat alle partijen verbindt die gericht zijn op duurzaam ondernemen en een constructieve samenwerking om te komen tot de beste resultaten en de meest relevante innovaties. Altijd op basis van jouw input en die van jouw vakbroeders!

De Stalmeesters!

Eerste resultaten fijnstof reducerende technieken perspectiefvol

De eerste resultaten van de metingen die het Praktijkcentrum Emissiereductie Veehouderij (PEV) samen met Wageningen Livestock Research uitvoert naar nieuwe technieken om de uitstoot van fijnstof uit pluimveestallen terug te dringen, zijn bemoedigend. Dat zegt onderzoeker Hilko Ellen van Wageningen Livestock Research.

Hij presenteert tijdens het Fijnstof Event de voorlopige resultaten „Van enkele technieken zijn de resultaten stabiel en perspectiefvol.” De onderzoeker presenteert niet alleen de reductiepercentages maar ook de aanschaf- en exploitatiekosten van de technieken. „Verwachte levensduur van een techniek, stroomverbruik en rente- en afschrijvingskosten zijn belangrijke aspecten voor een pluimveehouder. Net als praktische bruikbaarheid.”

¨Aangezien niet alle metingen zijn afgerond, kan Ellen niet van alle tien technieken de resultaten presenteren. „Door de fipronilcrisis en uitbraken van vogelgriep vorige winter konden en mochten we niet meten op pluimveebedrijven. Daardoor duurt het langer voordat we de eindresultaten kunnen presenteren.¨

Kom woendag 13 februari naar het Fijnstof Event voor het hele verhaal van Hilko Ellen. Bekijk hier uw:

pluimveehouderserfbetreders en omgevingsdiensten en studenten.
Meld u hier aan voor het evenement.

bron: Pluimveeweb

Fijnstof technieken Kipsterstal lijken aan verwachtingen te voldoen

„De beide fijnstof reducerende technieken in de Kipsterstal lijken aan de verwachtingen te voldoen.” Dat zegt mede-eigenaar Ruud Zanders van Kipster.¨

In september 2017 namen hij en zijn partners de innovatieve Kipster-leghennenstal in gebruik. In de stal, die in het Limburgse Oirlo staat, hangen acht units, die door middel van ionisatie fijnstof uit de stallucht halen. Aan de achterwand van de stal hangen vier stoffilters. Boven de mestband hangen er nog eens zes. Dit stoffiltersysteem houdt volgens de fabrikant 99 procent van alle fijnstof uit de stal tegen. Daardoor is er ook nauwelijks uitstoot van endotoxinen en geur. Zanders laat de uitstoot van fijnstof uit de Kipsterstal in het kader van het fijnstofproject nameten.

In zijn presentatie woensdag 13 februari op het Fijnstof Event schetst Zanders wat voor Kipster de motivatie en beweegredenen zijn om fijnstof en andere emissies te reduceren. Ook deelt hij zijn ervaringen als praktische ondernemer aan het fijnstofproject. Kom naar het Fijnstof Event voor zijn verhaal. Bekijk hier uw programma:
pluimveehouderserfbetreders en omgevingsdiensten en studenten.
Meld u hier aan voor het evenement.

Bron: Pluimveeweb

Luchtreiniger reinigt lucht op dierniveau

Het houden van veel dieren staat gelijk aan hoge (fijn)stofconcentraties. De normen worden steeds strenger en er kan tegenwoordig niet meer verbouwd of uitgebreid worden, zonder dat er ook stofreductiemaatregelen worden toegepast. Conventionele stofreductiemethoden worden hoog in de nok van de stal geïnstalleerd. Wanneer de boer in de stal rondloopt, ademt hij nog steeds veel stofdeeltjes in. Als men gebonden is aan het gebruiken van luchtreiniging, dan is het logisch dat de boer daar zelf ook van profiteert.

De Aspra Agro luchtreiniger reinigt de lucht op dierniveau, reiniging bij de bron, waardoor de dieren en de boer gereinigde lucht inademen. De boer wordt hierdoor veel minder blootgesteld aan luchtvervuiling, wat beter is voor zijn gezondheid. De luchtreiniger wekt een actieve luchtstroom op en is hierdoor zeer effectief, men kan eindelijk het einde van de stal weer zien. De luchtreiniger verwijdert 80 procent van het grove fijnstof (PM10), de helft van het fijnstof (PM2.5) en 20 procent van het ultrafijnstof (PM1). De resultaten worden tijdens het Fijnstof Event gepresenteerd.

Open vs. gesloten ionisatie – Stof daadwerkelijk uit de ruimte verwijderen

Ionisatie is een veel gebruikte luchtreinigingsmethode. Ionisatie zet de lucht als het ware onder stroom. Dit zorgt ervoor dat de deeltjes in de lucht geladen worden. Geladen deeltjes slaan veel makkelijker op oppervlakken neer. Echter, als de deeltjes niet op een gericht oppervlak kunnen neerslaan, dan verspreiden geladen deeltjes zich over de ruimte en zoeken zelf een oppervlak om op neer te slaan. In de stal zie je dit terug in dikke stoflagen aan muren, plafonds en kabels.

Het slaat ook neer in de long van de dieren en de boer. Onderzoek toont aan dat een geladen deeltje tot vijf maal makkelijker in de long neerslaat dan een niet geladen deeltje[1]. In de stal zweven allerlei deeltjes in de lucht: stofdeeltjes, maar ook ultrafijnstof zoals roet, virussen, bacteriën, schimmels en endotoxinen. Dit zijn juist de deeltjes die je niet wilt inademen, zowel de dieren als de boer kunnen er immers ziek van worden.

Wanneer ionisatie geladen deeltjes produceert die niet in de luchtreiniger zelf worden opgevangen, spreekt men over open ionisatie. Als de geladen deeltjes wel in de luchtreiniger worden opgevangen, noemen we dit gesloten ionisatie. De ASpra Agro is ontwikkeld als gesloten ionisatie systeem en verwijdert de deeltjes permanent uit de lucht én de ruimte. Dit draagt bij aan de gezondheid en vermindert ook de schoonmaakkosten in de stal zelf.

Zelfreinigend systeem zonder vervangbare filters

Eén van de ergernissen en kostenposten bij het gebruik van luchtreiniging in, naar of uit de stal, is het vervangen van de filters in de luchtreiniger. Bij de ontwikkeling van de reiniger is dit een belangrijk uitgangspunt geweest. De luchtreiniger is een zelfreinigend systeem dat geen vervangbare filters nodig heeft. Het systeem bevat een intern metalen filter dat automatisch en periodiek wordt gereinigd, waardoor het opgevangen stof in een opvangmedium valt en afgevoerd kan worden. De stofdeeltjes worden daadwerkelijk permanent uit de lucht verwijdert. Dankzij het automatiseren van de filterreiniging, bespaart de boer tijd en onderhoud. Doordat er geen vervangbare filters worden gebruikt, is dit tevens kostenbesparend.

Positieve ionisatie

De luchtreiniger maakt gebruik van gesloten ionisatie. Om specifieker te zijn: positieve ionisatie, waarbij in tegenstelling tot negatieve ionisatie, de kans op ozonvorming aanzienlijk minder is. Ook worden virussen in de luchtreiniger gedood. De luchtreiniger tevens zeer effectief voor het verwijderen van schimmels, endotoxines en bacteriën.

Geschikt voor binnenlucht, inlaatlucht en uitstoot (emissie)

De luchtreiniger is geschikt voor zowel luchtreiniging in de stal (binnenlucht), luchtreiniging naar de stal toe (inlaatlucht), als luchtreiniging van uitgaande lucht (emissie). De Aspra kan als zelfstandig systeem worden toegepast, maar ook geïntegreerd met andere technieken, zoals een WtW. Afhankelijk van de behoeften van de boer, kan voor een specifieke toepassing of combinatie gekozen worden.

De capaciteit per systeem bedraagt 11.000 m³/uur. Door de modulariteit van het systeem, is het zeer gemakkelijk om op te schalen naar een veelvoud van deze capaciteit. Het benodigde aantal luchtreinigers is afhankelijk van o.a. de toepassing (reiniging binnenlucht, inlaatlucht of emissie), het aantal dieren, het volume van de stal en de gewenste stofreductie.

Bron: Pluimveeweb